Een basisinkomen is onbetaalbaar

16 april 2020

Wat men beweert:
Een basisinkomen is ongelooflijk duur en zal zwaar drukken op de schouders van ‘hardwerkende Nederlanders’. Bovendien zullen de meeste mensen stoppen met werken en daarmee het systeem nóg zwaarder belasten.

In het kort:
Basisinkomen is betaalbaar, maar dan moeten er ook aanpassing van het stelsel voor sociale voorzieningen en het belastingregime plaatsvinden. Mogelijk is een beperkte verhoging van de belastingen voor de hogere inkomens of vermogens nodig. Je kan ook denken aan andere manieren van financiering zoals hogere belasting op vervuilende producten of financiële transacties.

Er wordt al veel geld rondgepompt

Er zijn verschillende manieren om het basisinkomen te betalen. Een basisinkomen van € 1.400 euro per maand voor volwassenen zou rond de 230 miljard per jaar kosten (Nederland heeft 12,7 miljoen volwassen inwoners). Dat is ongeveer 30 % procent van het bbp. Dat lijkt veel, maar realiseer je dat de overheid nu al meer dan de helft van het bbp beheerst (zorg, sociale zekerheid). Alle vrijstellingen, aftrekposten en heffingskortingen zijn daarbij niet eens meegerekend (meer dan 50 miljard per jaar).

Het basisinkomen kan ook worden betaald door een verhoging van het btw-tarief of van de vermogensbelasting (die momenteel onder het internationale gemiddelde ligt en in de afgelopen jaren steeds is gedaald), het verhogen van milieuheffingen of een belasting op grote financiële transacties. Er zijn dus verschillende manieren om het basisinkomen te financieren. Het is uiteindelijk vooral een kwestie van politieke wil. Er was immers ook geld om de banken te redden na de financiële crisis. En er blijkt een enorme hoeveelheid geld beschikbaar in de tijd van de Coronacrisis.

Haalbaar en betaalbaar

De vereniging Basisinkomen heeft een uitgebreide berekening van de haalbaarheid en betaalbaarheid van het basisinkomen gemaakt. Je vindt de berekening hier.

Niet iedereen stopt met werken

Uit een experiment met het basisinkomen in Canada, waar Rutger Bregman ook een aantal keer naar verwijst, blijkt dat mensen minder aantal uur betaald werk verrichten, circa 10% minder. Tegelijkertijd werd hun gezondheid beter: de ‎zorgconsumptie nam af met 10%.

De groepen mensen in deze experimenten die minder gaan werken zijn over het algemeen getrouwde vrouwen die ervoor kiezen langer zwangerschaps- of ouderschapsverlof te nemen en jongvolwassenen die langer studeren. Ze blijven zich dus zinvol inzetten voor de samenleving. Het probleem is echter dat we deze aspecten onvoldoende meenemen in het meten van onze welvaart.